Verrassend China

//Verrassend China

Amsterdam – Beijing – Shanghai – Chengdu – Beijing – Amsterdam

Verrassend China
door Anne Maagdenberg

Beijing

Beijing

Eind april 2017 vertrok ik naar Beijing. Voor het eerst vloog ik alleen, voor het eerst vloog ik naar zo’n verre bestemming. Het belangrijkste doel van mijn reis was het bezoeken van mijn vriend Max, die daar al twee maanden was in verband met een uitwisseling voor zijn studie. Ik had nooit verwacht ooit naar China te reizen, maar als ik er toch was, kon ik maar net zo goed zo veel mogelijk leuke bezienswaardigheden bezoeken. Hieronder lees je dus een reisverslag vanuit het perspectief van iemand die eigenlijk niet heel geïnteresseerd was in het land van bestemming en geen hoge verwachtingen had.

Op 20 april 2017 vloog ik voor het eerst in mijn eentje met als bestemming: Beijing. Max was daar inmiddels al twee maanden geleden aangekomen om te studeren aan BFSU: Beijing Foreign Studies University. Precies op de helft van zijn verblijf van vier maanden ben ik ook naar Beijing gegaan om hem op te zoeken. Dit was een grote stap ver uit mijn comfortzone, ik had nooit eerder alleen gevlogen en ik was nooit eerder zó ver van huis geweest.  Daarnaast heb ik China nooit aantrekkelijk gevonden als vakantiebestemming. En toch zat ik daar op 20 april in mijn eentje in een enigszins oncomfortabele, blauw beklede stoel in een Boeing 747-200 convertible, een Jumbo Jet met een bult bovenop…

Na een vlucht van ongeveer 9 uur landde het vliegtuig om 8:25 lokale tijd. Dit was ruim anderhalf uur eerder dan van tevoren op de app van KLM werd aangegeven. Ik raakte in een lichte stress, omdat dit niet de tijd was die ik met Max had afgesproken. Uiteraard had ik kunnen weten dat hij op dat moment waarschijnlijk al in de arrivals-hal met smart op mij stond te wachten. Hij had mij, eigenlijk het vliegtuig, immers online gevolgd en wist precies wanneer het tijd was om naar het vliegveld te komen.

Eenmaal op Beijing Capital International Airport aangekomen, bezweken mijn medepassagiers en ik bijna van de hitte. Mensen vroegen zich hardop af of de Chinezen nog nooit van airconditioning hadden gehoord. Na meerdere paspoort- en visumcontroles werd het tijd om op de bagage te wachten. Ik ben rustig op een bankje bij een plantenbak gaan zitten, me afvragend hoe weinig meters er nog verwijderd waren tussen Max en mijzelf. Nadat de bagageband begon te rollen en er al vrij snel een roze koffer verpakt in plastic tevoorschijn kwam, kon ik eindelijk op zoek naar de uitgang. Gelukkig is alles naast Chinees ook in het Engels weergegeven.

Verrassend China

Ik zie hem daar nog staan, achter een dranghekje voor de schuifdeur. Wachtend op een klein meisje met een grote, roze koffer. De uitdrukking op zijn gezicht sprak honderden emoties: opluchting, verdriet, liefde, ongeloof, blijdschap. Toen hij me zag, hapte hij naar adem, of was het een zucht? Bijna alsof hij schrok. Waarschijnlijk kon hij, net als ikzelf, ook niet geloven dat ik, Anne Maagdenberg, daadwerkelijk voet op Chinese bodem had gezet. Ik rende naar hem toe, mijn koffer achter me aan slepend en drukte hem zo stevig als ik kon tegen me aan, met het dranghek tussen ons ingeklemd. Mijn zintuigen zijn even in de war, ik verwachtte de milde, vertrouwde geur van Nivea crème, maar dat verkopen ze niet in China. In plaats daarvan rook ik de sterke, mannelijke geur van Axe Black. Terwijl we elkaars hand heel stevig vasthielden, wachtten we op een taxi die ons naar de campus zouden brengen. Het was nog te vroeg om in te checken in het hotel en ik was reuze benieuwd naar Max zijn onderkomen voor dit semester.

De eerste dag bestond vooral uit het verkennen van de campus, het ontmoeten van studiegenoten van Max, het proeven van allerlei lekkere gerechten en bijslapen. Het “Wannianqing” hotel was helaas niet helemaal wat ik had verwacht van een drie-sterren hotel, maar het had tenminste een eigen badkamer met een “normaal” toilet!

Een bezoek aan de Verboden Stad en Tian’anmen Square kan natuurlijk niet ontbreken als je in Beijing bent. In verband met de drukte bekeken wij Tian’anmen Square, en in het midden achterin het mausoleum van Mao, van een afstand. Binnen de muren van de Verboden Stad was de Changlang Tuin eigenlijk het mooist. Prachtige natuur, kronkelende bomen en kabbelende beekjes sieren het gebied naast de keizerlijke paleizen. We hebben heerlijk genoten van de rust en gezelligheid terwijl we een broodje aten langs het water met uitzicht op een van de gebouwen van de Verboden Stad.

Hoewel je het niet verwacht, zijn er in China ook katholieke Chinezen. Midden in de drukke Wangfujing Street dook tussen de grote gebouwen ineens dit mooie kerkje op. Zonder enig idee van wat we konden verwachten, gingen we het kerkje binnen. Even waanden we ons in Duitsland, Luxemburg of het zuiden van Nederland. Prachtig ingetogen en toch echt katholiek. We hadden niet het idee dat we in China waren, het was enorm verfrissend om binnen een oud gebouw eens andere architectuur te vinden dan het eeuwige rood, groen en goud. Achterin de kerk vonden we echter wel iets typisch Chinees: een vitrine met allerlei rozenkransjes, bedeltjes, beeldjes en kruisjes. De Chinezen weten overal geld mee te verdienen! Na onszelf te zegenen met heus Chinees wijwater, vervolgden we onze weg door de grote Wangfujing Street.

Shoppen in Beijing

Shoppen in Beijing
Voor wie naar hartelust wil shoppen, heeft Beijing genoeg te bieden. Eén van de beste, grootste en meest uigebreide plekken om te winkelen is Wangfujing Street. Deze straat bestaat voor het grootste deel uit verschillende malls naast elkaar. Alle grote merken en winkelketens zijn vertegenwoordigd, maar we hebben er ook heerlijk gegeten. Want wie goed oplet, vindt in het midden van de grote, brede, autovrije straat een klein steegje. Dit is de beruchte Wangfujing Snackstreet.

Wij liepen er bijna langs, maar zagen nog net op tijd waar al die mensen naartoe liepen. Waar de winkelstraat breed is en je rustig kunt struinen, is de Snackstreet smal en propvol mensen. Het krioelt er van de mensen en beestjes: we zagen dat baby schorpioentjes al levend op satéstokjes werden geprikt. Nadat ze langzaam stierven aan het stokje, was het wachten op een gewillige toerist die het spannend genoeg vond om een baby schorpioen te eten. Want Chinezen eten ze niet! Die liepen direct door naar hun vaste kraampje met lumpia’s, kippenbouten of bapao.

Beijing winkels

Ook in China maakten wij veel gebruik van fietsen. Het fietsen-huur-systeem is ontzettend makkelijk en goedkoop en wordt vooral door de locals dagelijks gebruikt. Via de app van de betreffende fiets-verhuurder, Ofo, Bluegogo, Mobike, scan je de QR-code, waarna je een cijfercode krijgt, waarmee het cijferslot geopend kan worden. De fietsen stonden overal en nergens, bij de ingang van de metro, langs de weg, bij de ingang van bezienswaardigheden of voor restaurantjes. We waren erg blij met dit systeem. Beijing is zo onwijs groot, dat het gebruiken van een fiets je reistijd makkelijk met een half uur of uur verkort!

Het was wel even wennen, fietsen in China. De Chinezen zijn nog niet zo goed in fietsen als de Nederlanders. Gelukkig wordt het fietspad vaak afgeschermd met een wit hekje, dat gaf enigszins een gevoel van veiligheid. Tussen het hekje en de stoep reden de fietsers alle kanten op en ook scooters en bakfietsen sjeesden tussendoor. Het geheim van veilig fietsen is vergelijkbaar met veilig autorijden: de automobilisten toeteren om aan te geven dat ze eraan komen en je uit moet kijken of opzij moet gaan. De fietsers doen dit met hun fietsbel.

Foto (6)

In de bergen ten westen van Beijing ligt het Tanzhesizhen gebied, waar de Tanzhe Tempel ligt. Een tempel bestaat uit meerdere ‘Halls’, losstaande gebouwen in verschillende formaten met ieder een andere Buddha op het altaar. Ondanks het feit dat je moet betalen voor de entree, komen boeddhisten naar de tempels om in de Hall van hun Buddha de bidden, wierook te branden of een offer, in de vorm van fruit of water, te brengen. Het grootste deel van de bezoekers bestaat uit binnenlandse en buitenlandse toeristen, maar een tempel blijft een religieuze plek voor bezinning. Om deze reden mogen de Halls vaak niet gefotografeerd worden. Hier en daar hebben we toch een plaatje kunnen schieten of stiekem met de GoPro van Max kunnen filmen.

Onderweg naar de Tanzhe Tempel maakten we voor het eerst kennis met de aparte manier waarop de taxichauffeurs werken in China. De chauffeur die we aanhielden langs de weg heeft wel drie mensen aangesproken op straat, om maar te kunnen achterhalen waar we precies naartoe wilden. Eenmaal aangekomen in Tanzhesizhen, probeerde hij weer mensen te vinden die met ons konden communiceren. Na enige tijd werd duidelijk dat hij wilde vragen hoe lang hij moest wachten op de parkeerplaats. Er waren geen bussen en taxi’s in het gebied, dus voor onze chauffeur was het vanzelfsprekend dat hij op ons zou wachten!

Uiteindelijk heeft hij ons voor ¥400 (nog geen €65) naar Tanzhesizhen gebracht, waar hij zo’n 2,5 uur op ons heeft gewacht en waarna hij ons weer terug heeft gebracht naar het hotel.

De eerste maandag heeft Max gespijbeld en zijn we naar de Chinese Muur geweest. We kozen bewust voor de maandag, omdat dit een betrekkelijk rustige dag zou zijn. In het weekend staat de muur vol met binnenlandse en buitenlandse toeristen en dat zorgt toch voor minder mooie foto’s! Het deel van de muur dat wij bezochten is het MuTianYu gedeelte, dat ongeveer 80 kilometer ten noorden van Beijing ligt. Wederom hadden we een taxichauffeur die netjes op ons wachtte en zelfs voordrong, lees: gewoonweg vooraan ging staan in de rij voor de ticketbalie. Hij regelde kaartjes voor ons, waarmee we met een kabelbaan de berg op konden en dus niet hoefden te lopen. Naar beneden gaan was nog leuker: dit deden we via een rodelbaan! Vanaf de ingang van het park liepen we langs allerlei kleine winkeltjes die in principe allemaal hetzelfde aanboden: Chinese kleding, pandapetjes, magneetjes en drinken. Zelfs een blinde Chinees kon ons als toeristen herkennen en zodra wij langsliepen, sprongen de handelaars uit hun tuinstoeltjes en probeerden ze ons naar hun winkeltje te lokken. Het was dan ook geen overbodige luxe dat onze taxichauffeur ons aan het eind van de dag via een smokkelweggetje naar de auto leidde.

Het gebied van MuTianYu is een betrekkelijk smog-vrij gebied met prachtige natuur. Overal om ons heen was het groen en bovenop de bergen zagen we de Chinese Muur in de verte verdwijnen. Uiteraard waren wij niet de enigen op de muur, maar wanneer je naar het uitzicht kijkt, hoor je niets dan de wind die door de bomen blaast en ruik je de frisse lucht van de Chinese natuur.

Ook de keizers gingen op vakantie en in de zomermaanden verbleven ze dan in het Zomerpaleis. Gewone burgers mochten dit terrein niet betreden en brachten hun handelswaar tot aan de poort. Ze vestigden zich langs de kades van de grachten en vandaag de dag zitten hier nog steeds kleine winkeltjes. De dag dat Max en ik naar het Zomerpaleis gingen, hebben we uitgebreid uitgeslapen na de lange dag op de Muur. Tegen de tijd dat we bij het paleis arriveerden, was het paleis zelf al gesloten. We hadden echter geluk bij een ongeluk, want door het late tijdstip scheen de zon prachtig laag en gaf een goud-gele gloed over het hele terrein.

Pal naast een metrostation ligt de Yonghe Tempel, ook wel bekend als Yonghe Lamaklooster of de Lamatempel. Deze tempel is enorm en heeft sporen van Chinese en Tibetaanse architectuur. De bekendste halls zijn de grote Pavillion of Ten Thousands Happinesses (萬福閣), die hieronder is afgebeeld, en de Hall of Harmony and Peace, die hiernaast is afgebeeld. Op het grote, blauwe bord op de voorgevel staat de naam afgebeeld in vier talen: Chinees, Tibetaans, Mongools en Monchu .

Naast het boeddhisme vormt het Confucianisme een belangrijke vorm van religie in China en delen van Vietnam. Confucius was een Chinees onderwijzer, politicus en filosoof op het gebied van ethiek, sociale en emotionele relaties, gerechtigheid en oprechtheid.  Zijn volgers richtten scholen op volgens de leer van Confucius. Het Confucianisme is een rationele religie, een filosofie en een levensbeschouwing. In Beijing, vlak naast de Lamatempel, ligt een tempel van Confucius. Op hetzelfde terrein ligt een oude Confucianistische universiteit.

Na een week Beijing was het tijd voor iets anders! Donderdagavond 27 april vertrokken we per trein naar Shanghai. Bij wijze van voorbereiding hebben we op Beijing South Railway Station ruim drie kwartier in de rij moeten staan om onze online bestelde tickets op te halen. Hoewel we enige wachttijd ingecalculeerd hadden, wisten we niet dat de ticketautomaten kapot zouden zijn en we dus met 500 andere Chinezen in de rij moesten staan! Toen we eindelijk onze tickets hadden, renden we over het enorme station richting het juiste perron. Na drie keer onze paspoorten en tickets te laten zien, konden we aan boord van het moderne en luxe treintoestel. We zaten nog geen twee minuten en de trein begon langzaam te rijden, twee minuten eerder dan gepland.

Aan boord bevonden zich toiletten en restaurantjes en tijdens de rit kwam regelmatig personeel langs om eten en drinken te verkopen. Het was verrassend stil gedurende de reis. Hier en daar een lachend kind of een iPad die kinderliedjes afspeelde. Na nog geen vijf uur arriveerden we op Shanghai Hong Qiao Railway station, onderdeel van Shanghai Hong Qiao Airport. We vonden Beijing South al een enorm station, maar dit sloeg alles! Licht verdwaasd liepen we rond op het station en besloten we even iets te drinken bij Starbucks, ik moest immers toch een Shanghai-mok kopen. Na weer even opgeladen te zijn na de treinreis, gingen we op zoek naar de beste manier om bij Disneyland terecht te komen. Volgens medewerkers konden we met de metro, met lijn 2 en 11. Echter leerde mijn ervaring met de Efteling dat het openbaar vervoer je nooit bij het park zelf afzet, maar ‘ergens in de buurt’. In het donker in een vreemde stad op zoek naar Disneyland leek ons niet zo’n goed idee. Dus kozen we ervoor om ons af te laten zetten door de Airport Taxi Service en voor ¥380 naar het park gebracht te worden. Sterker nog, we werden uiteraard netjes voor de deur van het Toy Story hotel afgezet.

De uiterst vrolijke en vriendelijke staff verwelkomden ons in het hotel. In combinatie met de heerlijke Disneymuziek die zich overal afspeelde en de vrolijke kleuren van het hotel, zorgde dit ervoor dat we ons weer even een kleuter voelde. Max kon zijn glimlach niet bedwingen toen we langs een tuin liepen met een metershoog standbeeld van Buzz Lightyear. In de lift vertelden de Little Green Men ons dat we op de ‘Third floooooor’ terecht gekomen waren. Met grote ogen en een glimlach op ons gezicht verkenden we onze knusse hotelkamer. Hij was niet groot, maar toch perfect. Schilderijen van Toy Story aan de muur, characters uit de film op het bed en de gordijnen, knalblauwe Toy Story douchegel en een hééééérlijk zacht matras. Wat was dat geweldig, na een week de binnen vering van ons matras in onze ruggen te hebben gevoeld! Snel naar bed, want de volgende ochtend moesten we alweer vroeg uit de veren. Toen we de gordijnen openden, zagen we in de verte het roze Disneykasteel al liggen.

Het gevoel weer een klein kind te zijn, zou nog lang niet verdwijnen…

We hebben, mede dankzij de priority fastpasses, een geweldige, magische dag gehad! Ruim 13 uur lang hebben we door het park gewandeld, lekker gegeten en onze ogen uitgekeken. We begonnen bij de achtbaan Tron, waar vlak na binnenkomst al een wachttijd van 120 minuten stond. Met onze priority pasjes liepen we langs de rij naar binnen en waren we getuigen van een echt Chinees stukje technisch meesterwerk. Qua thrill was de rollercoaster niet zo spectaculair, maar de  technieken en vormgeving maakten dit zeker goed!

Het hoogtepunt van het hele park was zeker de Pirates of the Caribbean attractie! Eenieder die deze attractie verliet, deed dit met grote ogen en een enorme glimlach op het gezicht en dat begrepen wij na afloop wel. De poppen in de attractie waren levensecht, net als de decors. Ondanks dat alle personages, ook Jack Sparrow, Chinees spraken, waanden we ons echt midden op de oceaan en voor we het wisten zaten we gevangen tussen de schepen van Jack en Davy Jones terwijl de bommen ons om de oren vlogen. We dreven achteruit en zijwaarts een van de schepen, dat vervolgens begon te zinken!! Een attractie van tien minuten die geen seconde verveelde!

Uiteraard hebben wij deze geweldige dag afgesloten met een tranentrekkende, magische vuurwerkshow. De grootste Disney classics kwamen voorbij met prachtige muziek, vuurwerk, lichtshow en enorme vuurfonteinen.

Na een zeer indrukwekkende dag in Disneyland Shanghai reden we per taxi naar het centrum van de stad . Hier overnachtten we in de zeer trendy en westerse wijk ‘The Bund’. We genoten van een heerlijk ontspannen bad in een prachtig hotel. De volgende ochtend hebben we wat uitgeslapen en zijn we te voet richting de welbekende skyline van Shanghai gegaan. Tussen de Franse gebouwen door, doemt ineens de enorme, strakke en moderne skyline op. Het financieel hart van Shanghai ligt pal tegenover de klassiek westerse oever van The Bund. Ertussenin: de Huangpu rivier. Via deze rivier varen boten af en aan naar de haven van de prachtige stad. We wandelden op ons gemakje langs de oever, waarna we ontdekten waar al die Chinezen toch gebleven waren. Het voelde, in vergelijking met Beijing, heel rustig en gezellig op de kade van de Huangpu. Maar toen we terecht kwamen in de Yu Yuang Old Street, wisten we waar iedereen was. Zoals het hoort in oude, klassieke, Chinese straatjes, krioelde het hier van de mensen. We hielden elkaar stevig vast om elkaar niet kwijt te raken. In het midden van al deze straatjes ligt de Yu Garden. Hieromheen zijn de winkels gebouwd. Ergens op een hoekje kwam ik een mevrouw tegen die suikerspin kunstwerken verkocht en ik moest, als sugar addict, een mooie suikerspin hebben. Na in de straatjes weer souvenirs te hebben ingeslagen en in Yu Garden tussen de enorme koikarpers te hebben uitgerust, was het weer tijd om verder te gaan.

Via Shanghai Pudong Airport vlogen we naar Chengdu Shuangliu Airport.

Na een heerlijke middag in Shanghai was het alweer tijd voor de volgende bestemming: Chengdu. Dit keer gingen we per vliegtuig, met Sichuan Airlines, één van de vele luchtvaartmaatschappijen die China te bieden heeft. De vlucht duurde net drie uurtjes, maar we kregen wel een lekkere maaltijd aan boord. Op het vliegveld werden we uiterst toepasselijk begroet door pandaberen voordat we te voet verder gingen naar het hotel. We sliepen in het Chengdu Airport Hotel, dat dus vlak naast het vliegveld lag. Vanaf een afstand zagen we al dat dit vast een prachtig hotel moest zijn, de ingang was prachtig belicht en ook de lobby was erg mooi ingericht. Het uiterst vriendelijke personeel sprak redelijk Engels, wat erg prettig was, omdat we voor de verandering eens zonder handgebaren en Google Translate een taxi konden bestellen voor de volgende ochtend. Toen we door de met glanzend goud en spiegels versierde lift naar de juiste verdieping waren gebracht, liepen we door een lange gang. Achteraf gezien was de grote afstand tussen de deuren al een goede indicatie voor het formaat van de kamers. Hoewel ‘kamer’  niet het juiste woord is voor het vertrek waar wij die avond zouden overnachten… We stapten de hal binnen en deden het licht aan en stonden even met een open mond te staren. Direct naast de voordeur was een zeer ruim toilet, drie invaliden zouden makkelijk tegelijk met hun rolstoel kunnen wachten tot ze aan de beurt zijn! Een aantal stappen verder lag de woonkamer. Een heerlijke bank en een enorme televisie met een welkomsttekst waarnaast een bureau stond met een computer. Vanuit het raam zagen we het vliegveld liggen waarachter vliegtuigen opstegen en landden. De woonkamer had ook een heuse kitchenette met een luxe koffieapparaat. De slaapkamer was enorm, met een bed van zeker twee meter breed en wederom een mooie bank en een grote televisie. De badkamer was van een heel ander niveau. We waanden ons in een spa met de gezellige sfeerverlichting, enorme spiegels en vrijstaand bad. Een tweede toilet bevond zich in een afgesloten ruimte, net als de douche. Die bevond zich in een enorme cabine met een bankje en een geweldige regendouche. Hoewel er ook een normale douchekop hing, mocht je beiden tegelijk willen gebruiken. Helaas sliepen we uitgerekend in dit prachtige hotel de minste uren. Het was al tegen half 12 toen we binnen kwamen en de volgende ochtend zouden we uiterlijk om 6 uur aan het ontbijt gaan. Daar hadden we iets meer tijd voor moeten uittrekken. Het buffet was verdeeld in een westerse en Chinese kant en beide kanten beschikten over twee tafels zoete en twee tafels hartige producten. Aan de Chinese kant was het ook mogelijk te ontbijten met dumplings, noodles en lumpia’s. Alleen al het bekijken en kiezen van de lekkerste hapjes kostte enige tijd!

Één van de hoogtepunten van de reis was het bezoek aan de Chengdu Giant Panda Breeding Research Centre. Hier zagen we reuzepanda’s met leeftijden variërend van 6 maanden tot 12 jaar oud! Ook waren er vertrekken voor de kleine, rode panda’s en liepen er pauwen door het park. Het was erg leuk om met eigen ogen en van dichtbij te ervaren hoe sloom, ondeugend, eigenwijs en onnozel de panda’s zijn. Met hun eigen willetje en doorzettingsvermogen kregen ze zelfs de strenge bewakers in het park aan het lachen!

Het Central Park van Beijing is het Bei Hai Park. Het park is gebouwd in de twaalfde eeuw en behoort tot de grootste keizerlijke parken ter wereld. Het park bestaat uit een enorm meer, met in het midden een eilandje: Jade Flower Island – Qiónghuádăo – 琼华岛. Om het meer heen bevinden zich Chinese tuinen, wandelroutes, winkeltjes en restaurantjes. Flora en fauna worden afgewisseld door bankjes en rustplekjes en, zoals in veel parken in China, zijn er open plekken tussen de bomen waar ouderen Tai Chi doen.

Op het eilandje in het midden staat een pagode die vanaf veel plekken in Beijing te zien is doordat hij op een enorme heuvel ligt. De witte pagode, Bai Ta – 白塔 , is 40 meter hoog en gebouwd op het hoogste punt van het Jade Flower Eiland ter ere van het bezoek van de vijfde Dalai Lama in 1651.

Mijn bezoek aan China hebben we afgesloten met een bezoek aan de Temple of Heaven. Wederom lag deze tempel in een park dat, in dit geval, mooier was dan de tempel zelf. Op de foto is goed te zien dat de smog flink toenam, op de dag van vertrek was het nog erger: vanuit het vliegtuig was het gebouw van het vliegveld nauwelijks te zien! Op de laatste foto zie je duidelijk de smog boven de stad hangen, de stad is onzichtbaar.

Deze reis was zeer leerzaam en vooral een emotionele en intellectuele ervaring die ik voor geen goud had willen missen. Ik heb een heel ander beeld ontwikkeld van China en haar inwoners. Sommige momenten brachten een glimlach, andere momenten brachten tranen, van verdriet of geluk. Hoewel Beijing niet een plek is waar ik snel terug zal keren, heeft deze stad prachtige plaatsen te bieden. Shanghai heeft minder historie, maar is zeker de moeite waard om nog eens langer en uitgebreider te bezoeken. Door het uitstapje naar Shanghai en Chendgu heb ik geleerd dat in zo’n groot land ‘de Chinees’ niet bestaat. Ook heb ik geleerd dat China niet per se stoffig en vies is. Je moet gewoon de juiste plekjes weten te vinden.

2017-12-19T17:29:59+00:00